Stichting Monument en Landschap

Dertig Menschenkinder bij Thornsche Molen

Metershoge eikenhouten beelden met anonieme gezichten, strakke monden en holle ogen; onderweg naar een beter lot, kijkend naar Nederland.

Menschenkinder heten deze dertig figuren, gegroepeerd nabij De Thornsche Molen en de Querdamm in de Ooijpolder. Ze ontvluchten oorlog, waanzin en onmenselijkheid in verleden en heden. Ze zijn geen man en geen vrouw, geen kind en geen grijsaard. Ze lijken op grote schaakstukken die door een onzichtbare hand heen en weer geschoven worden. Ze hebben geen keuze en geen doel, maar staan machteloos in tijd en ruimte.

Deze Menschenkinder van kunstenares Anne Thoss uit Kleve staan symbool voor iedereen in een turbulente tijd. Op deze locatie herinneren ze speciaal aan allen die tijdens de oorlog gedwongen waren te evacueren.

Menschenkinder is onderdeel van de historische grensoverschrijdende wandelroute die sinds 20 maart 2020 officieel bestaat. De ruim zes kilometer lange wandeling leidt langs Zyfflich, het Wylerbergmeer en De Thornsche Molen die ook het initiatief voor dit route- en kunstproject heeft genomen. Het thema is ‘Herinnering 75 jaar Vrijheid’. Het kunstwerk sluit, net als de vele informatiepanelen langs het tracé zelf, aan bij wat zich ooit op deze plekken heeft afgespeeld en houdt de wandelaar een permanente spiegel voor.

Kunstenares Thoss houdt zich al decennialang bezig met thema’s als ontheemding, uitzichtloosheid. onbereikbaarheid en herinneringen. Ze lopen als een rode draad door haar leven. “Ik heb veel gewerkt met het Duitse verleden en de Tweede Wereldoorlog. Ik ben in een grensregio opgegroeid, heb een Oost-Duitse vader die na de oorlog niet meer terug kon. Grenservaringen hebben bij mij een kunstuiting gekregen.”

Haar Kisten zijn daar een voorbeeld van. “Het zijn Grens-onderwerpen. Over onmenselijkheid, over concentratiekampen.” Lezers kunnen ze gezien hebben in Beek-Ubbergen, op een expositie in Notre Dame Galerie des Arts. Kisten vol herinneringen zijn het, Kisten die open of dicht kunnen. Ze zijn bewust verouderd en met diverse technieken en materiaal bewerkt. Elk ervan heeft zijn eigen authentieke verhaal; met giethars ‘bevroren voor de eeuwigheid’. Op verzoek breidde Thoss haar Kisten-expositiemateriaal uit met enkele keramische Menschenkinder.

In het contact tussen voorzitter Henny Driessen van De Thornsche Molen en Anne Thoss is aanvankelijk ter sprake gekomen om de Kisten als objecten permanent te exposeren in de openlucht. Thoss: “Na verloop van tijd werd duidelijk dat de Kisten in de grote open ruimte nabij de molen geen zin heeft. Ze vallen daar amper op.”

De bevrijding en evacuatie zijn de uitgangspunten waarmee Thoss aan het werk is gegaan. Geënt op verleden en toekomst. Om een idee te hebben maakte ze steeds meer kleine keramische figuren met rechte lijven en een hoofd, met elk een eigen uitdrukking. Of beter: elke een eigen gebrek aan uitdrukking. Ze zijn niet te herkennen, en dat is juist de bedoeling.

“Daarna hebben we”, zegt de kunstenares, “gekeken van welk materiaal de grote beelden gemaakt zouden worden. Van keramiek, van kunststof. Uiteindelijk hebben we voor robuust eikenhout gekozen. Maar de stammen komen niet uit het Reichswald. We wilden namelijk niet riskeren dat er kogels of granaatscherven in het hout zitten, want dat zou teveel risico betekend hebben.” Het gebruikte eikenhout komt uit de omgeving van Mönchengladbach.

Om de opdrachtgevers een idee te geven van de uitwerking, heeft Thoss een beeld op ware grootte laten maken. “Een prototype voor dit project Über Zeiten hinweg / Over de Tijd heen.” Om dat voor elkaar te boksen riep Thoss de hulp in van haar collega-kunstenaar Jo Milano (een alias van Jörg Florenz), een man die bijzonder vaardig is in het bewerken van grote houtobjecten. Het prototype is duidelijk herkenbaar; dit beeld is al meer verweerd dan de andere.

Van het hele proces heeft de kunstenares een werkboek gemaakt, van de eerste aanzet tot de volledige beelden. Eén reuzenbeeld staat bij haar in Kleve voor het huis. Liefkozend wijst ze op de plekken waarom dit exemplaar geen deel zal uitmaken van de groep. “Er zitten grote scheuren in. Ik was bang dat het hout hierdoor op de duur zo splijt, dat het gevaar kan opleveren. Om dat te voorkomen, hebben we er al een ijzeren band omheen gedaan. Nou maar hopen dat dit houdt.”

Thoss: “Vanwege het thema ‘Herinnering 75 jaar Vrijheid’ had ik eerst graag 75 beelden willen laten maken. Dat waren er duidelijk te veel voor het project. Gaandeweg zijn we op dertig uitgekomen; met dat aantal heeft de groep nog genoeg body.” Houtkunstenaar Milano heeft zich twee maanden lang kunnen uitleven in een hal in Leuth, waar hij grote boomstammen met zagen en boren te lijf ging. Van elk beeld had hij een keramisch voorbeeld, gemaakt door de kunstenares. Geen eentje is hetzelfde. In de hal hebben de houten reuzen liggen wachten tot ze uiteindelijk op hun plek gezet zouden worden.

Wat voor werk het geweest is om de Menschenkinder tot stand te brengen, blijkt uit het vele materiaal dat is gebruikt en verwerkt. In totaal is 26 kubieke meter eikenhout in de vorm van boomstammen aangevoerd naar Leuth. Daaruit zijn 30 figuren gezaagd en gehakt die elk een halve kuub hout bevatten. Vele kuubs aan splinters en schaafsels zijn in de container beland.

Kunstenaar Milano gebruikte ongeveer 110 liter benzine en 45 liter olie voor zijn kettingzaag. Voor het werk zijn acht kettingzagen ingezet met verschillende soorten dikte. Vier keer moest er een nieuw zaagblad komen, en 25 nieuwe kettingen vonden hun weg naar de loods. Daarnaast is elke ketting minstens drie keer geslepen voor er vervangen werd.

Een hele toer voor Milano wordt ook nog het boren van een gat in de basis, het gat dat precies moest vallen om de stalen pinnen die al geruime tijd uit het bermgras nabij de Nederlands-Duitse grens steken. Dat boren gebeurt enkele dagen voor de onthulling op locatie en dient uiterst nauwkeurig te gebeuren om de beelden ook precies rechtopstaand te krijgen. Ter plekke bepaalt Thoss waar elk beeld zijn eindbestemming zal krijgen; ze heeft ze allemaal genummerd. “Het waren ongeveer twee jaren van soms intense contacten en van veel gesprekken”, kijkt Thoss terug.

Eindelijk komen haar Menschenkinder aan op hun eindbestemming. “Hun stam is niet te gepolijst, het hout wordt aan weer en wind blootgesteld. Een oneffenheid mag. Ze worden alleen maar mooier.”

Van 11 tot en met 17 april 2020 exposeert Thoss haar Kisten, tegelijk met Sjaak Smetsers (metaal/glas) en Ineke van Middelkoop (fotografie), in het Kerkje van Persingen.

Tekst en foto’s: Henk Verhagen.

www.annethoss.de

https://pongelz.com

Deel het op Social Media

Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin
Share on pinterest