Wederopbouwarchitectuur gemeente Berg en Dal, deel 2, Kekerdom Het is voor ons nu moeilijk voorstelbaar in welke omstandigheden de inwoners van de Ooijpolder en de  Duffelt moesten zien te overleven vanaf het begin van Operatie Market Garden op 17 september 1944.  Terwijl Beek op 21 september bevrijd was door de Amerikanen, bleven de voortdurende beschietingen  door zowel Duitse als geallieerde troepen in de polder doorgaan. Vanaf begin oktober 1944 tot februari 1945 bleef de frontlijn dwars door de Ooijpolder liggen, in een  lijn van Erlecom via Wyler en Groesbeek naar de Maas bij Mook. In oktober volgde verplichte evacuatie  van de niet-bevrijde delen van Ooijpolder, Duffelt en Millingerwaard. In Kekerdom en Leuth moesten de  inwoners binnen 24 uur hun huizen verlaten hebben, grote boerderijen dienden binnen 48 uur  geëvacueerd te zijn. In afwezigheid van de bewoners werden de meeste huizen leeggeplunderd, niet  alleen door Duitsers maar later (in het kader van operatie Veritable) veelal door Canadezen. In januari  1945 begonnen de Duitsers met het doorsteken van de dijken, waardoor van Nijmegen tot Kleef het  gehele “Laag” onder water kwam te staan en de nog niet door beschietingen beschadigde huizen alsnog veel schade opliepen. Op 8 februari 1945 werden Ooij, Persingen, Erlecom, Kekerdom en Leuth uiteindelijk bevrijd. Hierbij  werden Leuth en Kekerdom (volledig geïnundeerd) andermaal zwaar getroffen. Daarna werd in het Rijk  van Nijmegen een enorme troepenmacht samengebracht van 500.000 militairen met materieel ter  ondersteuning van Operatie Veritable, de definitieve verovering van het Rijnland. Begin april 1945  begon langzaam de terugkeer van geëvacueerde bewoners. Bij terugkomst moest men maar afwachten wat men nog aantrof van zijn huis en inboedel. Er was geen elektriciteit of stromend water. Voor velen duurde het tot een eind in de jaren 50 voordat er sprake was van een permanent dak boven het hoofd. Zo woonde de familie Splithof na het afbranden van hun woonhuis (de voormalige veldwachters-woning van Hendrik Awater), gelegen vlakbij de hoogwatersluis die veel omwonenden als schuilplaats  gebruikten in september 1944, voorheen Bandijk K4 (nu Duffeltdijk 7) in Kekerdom, jarenlang  noodgedwongen in de varkensschuur. Na het aanvragen van een urgentieverklaring bij de gemeente  volgde het wachten op goedkeuring van het bouwplan van hun nieuwe boerderij door het Rijk. Het  duurde tot 1950 voordat hun huis, naar ontwerp van H.G. Van den Boogaard, klaar was. Het is een  typisch ontwerp van het architectenbureau Van den Boogaard. De broers H.G. en J.A.J. van den  Boogaard waren in Nijmegen en omgeving actief vanaf de jaren 30 en hadden het bureau van hun  vader M.A.M. van den Boogaard overgenomen. Het huis heeft tuitgevels en boven de meerruitsvensters  bevindt zich siermetselwerk in spaarvelden. Ook de deuromlijsting is fraai geprofileerd. Achter het  woongedeelte lagen een schuur en stal. Kekerdom, Duffeltdijk 7. Ontw. H.G. van den Boogaard Nijmegen, 1949. Foto P. Coenen. Later kwam het pand Duffeltdijk 7 in gebruik als bedrijfswoning van Steenfabriek Terwindt en Arntz. De  steenfabriek was al aanwezig aan de Kekerdomse Ward sinds 1873, op een verhoging in de  uiterwaarden, en was de belangrijkste werkgever in de directe omgeving. De benodigde klei werd langs de Waaloevers gewonnen in zogenaamde tichelgaten (kleiputten). De afgegraven klei werd met  smalspoortreintjes naar de fabriek vervoerd. De spoorlijntjes werden op lage dijken gelegd. De  rechthoekige tichelgaten te midden van dijkjes met daarop restanten van de smalspoorlijn hebben het  landschap rond de steenfabriek haar typerende structuur gegeven. In 1931 was er een verbindingsdijk  gelegd tussen de Bandijk en de Duffeltdijk met daarin een zware betonnen sluis. Hier schuilden in  september 1944 veel Kekerdomse families. Duitse soldaten hielden zich 's-nachts schuil in de  steenfabriek. Na de oorlog nam de behoefte aan bakstenen voor de wederopbouw enorm toe. Rond 1955 werd het  aantal ovenkamers van de vlamoven uit de jaren 30 verdubbeld en enkele jaren later verrees een  nieuwe productiehal met tunneloven. Ook kwam er een lage aanbouw aan de rivierzijde. De 60 meter  hoge schoorsteen werd daarbij ingebouwd. Na het faillissement van Terwindt en Arntz in 1985 werden  de oven en de overkapping afgebroken, de schoorsteen werd afgetopt. De Beijer BV nam de resterende gebouwen in gebruik en zorgde voor nieuwe werkgelegenheid. Het silhouet van de resterende oude  steenfabrieksgebouwen is bewaard gebleven. Als herinnering aan de Ooijpolder en de Millingerwaard  als het belangrijkste gebied van baksteenfabricage van Nederland is dit van groot belang. Steenfabriek in de Ooijpolder (Erlecom). Aan de hoed en de petten is het verschil tussen directeur en de arbeiders goed zichtbaar. Fotocollectie Wim Ebben. Inwoners van het dorp Kekerdom werden pas in oktober 1944 geëvacueerd. De familie Sanders,  woonachtig in Huis De Roeyen aan de Weverstraat 79, was al enkele dagen samen met gezinnen uit de buurt aan het schuilen in de kelders. Duitse soldaten hielden zich schuil in de stallen in afwachting van  een aanval op de Waalbrug. De Amerikanen waren achter de schuilplaats van de Duitsers gekomen en  waren het huis en vooral de schuren gaan beschieten vanuit Ooij/Erlecom. Kekerdom, Weverstraat 79. Hofstede De Roeyen in 1934. Fotocollectie Regionaal Archief Nijmegen. Daarbij kreeg De Roeyen 32 voltreffers. Als door een wonder bleven alle schuilende mensen ongedeerd. De bekende Nijmeegse jezuïet pater Hulshof (1900-1993), broer van mevrouw Sanders en “heeroom  Frans” voor de kinderen, was ondergedoken omdat het Canisius College, waar hij leraar Duits was en  directeur van de HBS, gesloten was. Dit was door de paters gedaan om gedwongen tewerkstelling van  hun leerlingen te voorkomen. Pater Hulshof ging begin oktober mee naar Lichtenvoorde. Dit moest  gebeuren via Emmerich met de pont (grote boeren met kar en paard mochten met de pont, andere  evacué's moesten met roeibootjes de Rijn over) dat was niet zonder gevaar. Ongetwijfeld fungeerde  ook hier heeroom Frans als engelbewaarder. Overigens ondernam pater Hulshof met kerstmis 1944  vanuit het evacuatieadres met een neef een hachelijke tocht per fiets (met houten banden) naar zijn  zus in Haarlem, waar de hongerwinter was ingetreden, om voedsel te brengen. Daarbij werd in  kloosters overnacht. Voorjaar 1945 keerde de familie Sanders vanuit Lichtenvoorde terug in Kekerdom.   Ze trof het voorheen statige huis grotendeels verwoest aan. De koeienstal was het zwaarst beschadigd. Alles was leeggeplunderd, naar verluidt door Canadezen. De inundatie had De Roeyen echter net niet  helemaal geraakt en het water was in Kekerdom vrij snel gezakt. Gelukkig kon het gezin een boerderij  krijgen die door een NSB-er bewoond was geweest en (niet toevallig?) door de ligging op een pol droog was gebleven tijdens de inundatie. Daar bleef de familie Sanders uiteindelijk zeven jaar wonen. De  aanvraag voor een nieuw, ruimer type veestal (zoals in de Noordoostpolder) leverde enige vertraging  op. Bovendien had de gemeente de wens om op de plek van de oude boerderij een rij  arbeiderswoningen te bouwen en de nieuwe boerderij De Roeyen daarachter te herbouwen. Uiteindelijk zijn de arbeiderswoningen een stukje verderop gebouwd, aan de Weverstraat 67 t/m 73, naar ontwerp van gemeentearchitect J.A.J. Van den Boogaard.  Kekerdom, Weverstraat 79, De Roeyen. Ontw. Th. Dinnissen 1951. Foto J. van Eck. Het nieuwe De Roeyen was klaar in 1952. Het was in 1951 ontworpen door Th. Dinnissen uit  Overasselt, in opdracht van het Bureau Wederopbouw Boerderijen in Arnhem. De veestal werd  gerealiseerd volgens het nieuwere, ruime type. Zoals in de naoorlogse tijd gebruikelijk (geld- en  tijdbesparing), werd er waar mogelijk gebruik gemaakt van holle bouwsteen (perfora) in de vloeren. In  de stallen werden ramen van schokbeton toegepast. In volgende nieuwsbrieven zullen meer boerderijen aan bod komen die ontworpen zijn door het Bureau Wederopbouw Boerderijen (Th. Dinnissen en G.  Feenstra). Ontwerptekening Weverstraat 79 Kekerdom, Th. Dinnissen 1951. Bouwarchief gemeente Ubbergen. Het woonhuis heeft een zadeldak en tuitgevels en fraaie detaillering in de daklijsten en de omranding  van de voordeur. Ook zijn er zesruitsvensters en drie dakkapellen met vierruitsvensters. Achter het  raam links van de voordeur was de kantoorruimte. Rechts aan het woonhuis vast bevindt zich een  tussenbouw met een lagere nokhoogte en een overkapping op kolommen. Deze verbindt het huis met  de grote middenlangsdeelschuur, die een mooie tuitgevel heeft met een poort en daarboven een  hooideur.  De Roeyen is een fraai voorbeeld van wederopbouwarchitectuur in de stijl van de Delftse  School en is gemeentelijk monument sinds 2001. Zowel in- als uitwendig is het gehele complex  inclusief tuin in originele staat bewaard gebleven. Aan de Weverstraat in Kekerdom waren in september 1944 meer panden verwoest. Onder andere  tijdens een beschieting door Amerikanen, veroorzaakt door een door Duitsers net buiten het dorp  achtergelaten kapotte tank. Zo ook het uit 1915 daterende Verenigingsgebouw voor de Muziek- en  Toneelvereniging “Uitspanning na Arbeid”. In 1949 werd het naar ontwerp van H.G. Van den Boogaard  herbouwd met onder andere perforavloeren en spanten in gewapend beton. De getuite voorgevel had  een getoogde poort met bovenschrift in sierlijke letters. Kekerdom, Weverstraat 58, Verenigingsgebouw U.N.A., ontw. H.G. Van den Boogaard 1949. Foto P. Coenen. Inwendig was er een podium onder een gemetselde boog. In de jaren 70 zijn de plafonds verlaagd en is het interieur ingrijpend gewijzigd. Ook is toen de oorspronkelijke toegangspoort verdwenen. Nog enkele restanten van siermetselwerk, alsmede het muuranker zijn van het oorspronkelijk gevelontwerp  bewaard gebleven.  Van de vele in Kekerdom herbouwde boerderijen is Kapittelshof, Eversberg 1, een mooi voorbeeld. De aanleiding, nl. de verwoesting van de oude boerderij uit ca. 1898 was natuurlijk minder prettig. Eind  september 1944 had de Duitse generale staf de boerderij van de familie Wilmsen gevorderd als  hoofdkwartier voor het beoogde grote offensief tegen Beek en Nijmegen. Nijmeegse vluchtelingen die  er onderdak hadden gekregen moesten ook vertrekken. Toen het offensief niet lukte, brandden de  Duitsers de boerderij plat bij hun aftocht. Uiteindelijk werd er in 1953 een nieuwe T-boerderij gebouwd,  deels op de oude fundamenten. De architect is niet terug te vinden in de archieven. De gevelindeling  herinnert aan de oude boerderij, terwijl er voor de wederopbouw typerende details zijn gebruikt, zoals  betegelde onderdorpels, stalramen van schokbeton en gekleurd glas-in-lood. Op de gevel is in witte  letters de naam van de boerderij aangebracht. De ligging van het complex is erg mooi te midden van  oude platanen en beuken en op een verhoging. Kapittelshof is gemeentelijk monument sinds 2001. De  naam herinnert aan het feit dat de oudst vermelde boerderij hier (uit 1832) behoorde tot de bezittingen van het kapittel van Kleef. Aanvulling Hans Giesbertz: Boerderij Kapittelshof, Eversberg 1, is in 1953 herbouwd naar een ontwerp  van de architect M.A. van Dijk uit Ede. Verder is  in het Regionaal Archief in Nijmegen een rapport  uit het jaar 1947 te vinden,  waarin over de toekomst van  het dorp Kekerdom het  volgende wordt voorgesteld: Kekerdom behoorde tot de  kernen die mochten blijven  bestaan na opheffing van de  buurtschappen en gehuchten.  Er mocht een geringe  uitbreiding van het aantal  woonhuizen plaats gaan  vinden na de oorlog. De  Laurentiuskerk, die  beschadigd was en buitendijks  stond, werd te klein bevonden  en zou moeten worden  afgebroken. Evenwijdig aan de Weverstraat zou een nieuwe  weg komen naar een nieuw Kerkplein, waaraan een nieuwe kerk zou moeten  verrijzen. In de toekomst zou er ook een rondweg komen. Het is maar goed dat dit plan uiteindelijk niet uitgevoerd is.....  Klik hier om naar deel 3 te gaan Boerderij "Kapittelshof". Deze boerderij werd eind 1951 aanbesteed en de laagste inschrijver was aannemer H.J. Giesbertz uit Nijmegen, voor een bedrag van f 73.433,-. Foto’s Hans Giesbertz. Laurentiuskerk Kekerdom  Kekerdom, Eversberg 1 hoek Botsestraat, boerderij Kapittelshof, 1953. Foto P. Coenen. In Kekerdom werd bijna elk pand in meer of mindere mate beschadigd.  Duffeltdijk 34, Hazelaarshof, heeft veel te lijden gehad in de laatste oorlogsmaanden, maar kon gelukkig behouden blijven. Wel zijn er nog sporen van beschietingen in het metselwerk te zien. De kerk en pastorie werden beschadigd door artillerievuur. Hiervan zijn in het metselwerk van de pastorie nog littekens te zien. Overigens gebruikte pastoor J. Pulles de hoge stenen onderbouw van de serre van zijn pastorie als schuilkelder. Er waren voor dat doel ook kijk-/luchtgaten in de muur   uitgehakt. Met dank aan: De heer en mevrouw J.M.A. Sanders, Kekerdom; Jan van Eck; Bouwarchief gemeente Ubbergen. Zie o.a. ook: Kekerdom in de kijkerd, interviews en verhalen, 2011; Margot van Boldrik en Daaf Wijlhuizen, In water en vuur, Beek 1984; Jan van Eck, Historische atlas van Ooijpolder en Duffelt, Nijmegen 2005; Hans Fun, Littekens van Market-Garden, Ubbergen 2005.