Wederopbouwarchitectuur deel 12, grenscorrectie en plannen In dit deel van onze reeks over de wederopbouwperiode in en om de voormalige gemeente Ubbergen komen enkele voortvarende plannen aan bod die kenmerkend zijn voor de vernieuwingsdrang die er heerste in de periode na de Tweede Wereldoorlog. Details uit wervende krantenartikelen voor het Militair Gezag (MG), het dagelijks bestuur van de in 1944 en 1945 bevrijde delen van Nederland namens de Nederlandse regering in Londen tot aan de overdracht van de gebieden aan de regering. De tekening links duidt op de taak van het MG om commissies op te richten die instanties en bedrijven diende te zuiveren van ongewenste elementen (collaborateurs/oorlogsmisdadigers). Helaas werden deze zuiveringscommissies nogal eens misbruikt door kwaadwillende mensen die nog een persoonlijk appeltje te schillen hadden met buren, collega’s of bazen. Was iemand eenmaal aangemerkt als “fout” dan werd deze ontslagen en zijn of haar bezittingen werden in beslag genomen. Al direct na de bevrijding van het zuidelijke deel van Nederland, in oktober 1944, bepleitte de Nederlandse regering bij de geallieerden een aanzienlijke annexatie van Duits grondgebied. Een Commissie ging het Annexatievraagstuk bestuderen. Er waren vijf ondergeschikte motieven voor annexatie, te weten: straf (genoegdoening/wraak voor de Duitse bezetting van Nederland), schadevergoeding (ter compensatie van alle vernielingen en gemaakte kosten), planologische verbeteringen (wegen zouden waar nodig kunnen worden recht- en/of doorgetrokken), betere communicatie (telefoonlijnen) en waterstaatkundige verbeteringen (grenswateren konden beter beheerd worden). De twee belangrijkste motieven waren echter het bevorderen van de Nederlandse economie en het oplossen van de al langer bestaande woningnood. Door het annexeren van industriële en grondstofrijke gebieden in Duitsland zou de wederopbouw sneller kunnen verlopen en Nederland zou in Europa weer een beetje gaan meetellen. In het zuiden werd gedacht aan uitbreiding van de kolenmijnen op Duits gebied, mede mogelijk gemaakt door een groter wingebied, in het noorden had men een olierijk deel van Westfalen op het oog en in de Niederrhein waren klei (voor de baksteenfabricage), grind (voor beton) en hout (uit het Reichswald) aantrekkelijk voor Nederland. De gemeente Ubbergen zag met name een mogelijkheid om het dorp Beek in oostelijke richting flink uit te breiden met woningbouw. Groesbeek hoopte op meer werkgelegenheid voor haar bevolking. Grenscorrectiekaart met twee voorstellen voor annexatiegebieden, waarop de aanwezigheid van diverse grondstoffen in de bodem staat aangegeven. Beide voorstellen gaan uit van een grensverlegging tot ver voorbij Kleef. 1948. De geallieerden (met name de Engelsen wilden geen tweede “Versailles” waardoor Duitsland vernederd en economisch achtergesteld zou worden) temperden de Nederlandse ambities echter flink en in 1949 kwam het tot een aantal kleinere (tijdelijke) grenscorrecties tussen Nederland en Duitsland. Het merendeel van de geannexeerde gebieden ging in 1963 terug naar Duitsland, met uitzondering van onder andere 306 hectare grond en water in de gemeente Ubbergen. Om de stad Nijmegen en de regio te ontsluiten in oostelijke richting waren er reeds in de jaren 20 en 30 plannen gemaakt voor een nieuwe weg tussen Nijmegen en de Duitse grens, in samenwerking met de autoriteiten in Düsseldorf. Het eerste plan voorzag in een doorsnijding van het dorp Beek ter hoogte van de toenmalige grens in het Keteldal. Dit plan ging niet door, mogelijk door weerstand vanuit defensie vanwege de versterking van de grenzen door Duitsland in het kader van de Westwall. Het tweede plan moest een Rijkshoofdweg worden (de “Ubberger Auto-Umgehungsstrasse”) parallel aan de Ubbergseweg/Rijksstraatweg, maar buiten de dorpen Ubbergen en Beek om. Vooruitlopend hierop werd in Beek de Verbindingsweg aangelegd, maar Duitsland koos uiteindelijk voor het tracé Arnhem-Emmerich. Vervolgens gooide de oorlog roet in het eten en bleef de Rijksstraatweg in gebruik, met veel ongevallen tot gevolg. Na de oorlog werd het voornemen voor een nieuwe weg weer opgepakt, maar (gezien de verlegging van de Nederlands-Duitse grens naar het oosten) kwam men met het plan om een meerbaans autosnelweg aan te leggen met op- en afritten en (ter hoogte van het Wylermeer) een grootschalig douanecomplex met wegrestaurants, een truckstop, tankstations en een motel. Het motel zou aanvankelijk “Startjeshof” gaan heten (naar het voormalige Duitse hotel onderaan de Wylerberg, verwoest in de laatste oorlogswinter), later kreeg de naam “Bad Wyler” de voorkeur. Plan uit 1967 voor een motelcomplex “Bad Wyler”. Bureau Pouderoyen Nijmegen. In Ubbergen was na de aanleg van de nieuwe snelweg de bouw van eengezinswoningen en bungalows voorzien. Ook was er een gebouwtje van openbaar nut gepland, waarin naar Duits voorbeeld een Rooms-Katholieke “Autobahnkirche” (een nevenkerk van de Bartholomeuskerk in Beek) haar zondagse mis kon houden. De nabijheid van de Jeugdherberg (in De Overberg, Rijksstraatweg 3) zou ook voor veel kerkgangers zorgen, was de verwachting. De autosnelweg kwam er uiteindelijk niet, wel werd in 1968 de Nieuwe Rijksweg aangelegd. Nadat Shell door de lage benzineprijzen in Duitsland had besloten dat het geplande dubbele tankstation bij het Wylermeer niet rendabel zou zijn, verdwenen ook de plannen voor het motel annex truckstop van tafel. De eigenaar van het Beekse café Wylerwald was niet blij, want hij verloor zijn klandizie die hoofdzakelijk uit vrachtwagenchauffeurs bestond. Inmiddels waren er in 1959 serieuze plannen voor de aanleg van een gondelbaan tussen Nijmegen en Ubbergen en/of Berg en Dal. De firma Gijbas te Utrecht benaderde het college van B&W van Ubbergen met het verzoek hierover na te denken. Naar eigen zeggen had de firma al bijna een contract afgesloten met de gemeenten Oosterbeek, Driel en Doorwerth voor een soortgelijke gondelbaan over de Nederrijn. Brochures met afbeeldingen van al dan niet uitgevoerde kabelbaanontwerpen in Keulen, Rüdesheim, Namen en Dinant werden meegestuurd. De gondelbaan zou een beginstation krijgen in het Hengstdal in Nijmegen (ter hoogte van het huidige plantsoen met het Pegasusbeeld), van waaruit een tracé (met enorme masten) zou lopen naar de ijsbaan in Ubbergen en een tweede tracé naar Beek via de Stollenbergweg in Berg en Dal. Een uitbreiding naar het Wylermeer werd ook tot de mogelijkheden gerekend (via de Duivelsberg alwaar de gondelmast dienst kon gaan doen als uitkijktoren met bovenin een restaurant). Nadat Staatsbosbeheer en Geldersch Landschap bezwaar hadden gemaakt tegen de plannen voor Doorwerth (en bovendien de ANWB zorgen over de verkeersveiligheid naar voren had gebracht), werd er ook in Nijmegen en Ubbergen afgezien van de gondelbaan. Reeds eerder bleek dat er na de oorlog voor het dorp Kekerdom plannen werden gemaakt om de buitendijkse Laurentiuskerk af te breken en een nieuwe katholieke kerk te bouwen aan een plein achter de nieuwe lagere school. Blijkens aantekeningen van gemeentesecretaris Gitsels van Ubbergen bestond er in de jaren 50 het plan om ook de katholieke Bartholomeuskerk van Beek af te breken. Een nieuwe kerk zou dan gebouwd worden op het voormalige kasteelterrein naast de Verbindingsweg in Beek (waar nu bejaardencentrum ’t Höfke staat). Ook kleuter- en lagere scholen, een parochiecentrum en een klooster annex huishoudschool zouden rond de nieuwe kerk gebouwd worden. Op de plek van de oude kerk en op De Geest zouden dan niet alleen woningen en winkels kunnen komen, maar ook een “Bekenaris”- fabriek die het bronwater van landgoed Bronhuize in Ubbergen kon gaan bottelen. Gelukkig maar dat deze uit vernieuwingsdrang voortgekomen plannen uiteindelijk niet ten uitvoer zijn gebracht….. Wordt vervolgd Engelstalig voorlichtingsboekje van de Commissie ter bestudering van het Annexatievraagstuk, 1948   Utrechts Nieuwsblad 13-07-1959 De twee voorgestelde tracé’s van de gondelbaan van de firma N.V. Gijbas Utrecht. Augustus 1959.