Wederopbouwarchitectuur in de gemeente Berg en Dal, deel 10:  Ooij In deel 9 is naar voren gekomen hoe er in het Noodstreekplan voor de Wederopbouw aangekeken werd tegen de herbouw van het dorp Ooij op een wijze die recht zou doen aan de "moderne tijden". Aanvankelijk was het de bedoeling om de nieuwe bebouwing, bestaande uit middenstandswoningen, arbeiderswoningen en enkele winkels, rondom de Nederlands Hervormde kerk aan de Hezelstraat te realiseren. Deze locatie bleek bij nader inzien ongeschikt. Veel grond was in handen van eigenaren van steenfabrieken en van hoge waarde door de samenstelling. Dit zou onteigening erg duur hebben gemaakt. Bovendien moesten de gederfde bedrijfsinkomsten van de steenfabrieken worden vergoed.  Aldus bleef een uniek stukje natuur-/cultuurgebied onaangetast. Noodwoningen in Ooij, 1948. Op de achtergrond staan al enkele arbeiderswoningen van J.A.J. van den Boogaard. Fotocollectie Regionaal Archief Nijmegen. Ooij in 1955, foto rechts genomen vanaf de in 1953 aangebouwde toren van de Sint Hubertuskerk. Op de voorgrond het voormalige café van de weduwe Sliepenbeek (tante Betje). Later is dit café (met woning) gekocht door Thé Reijnen Sr. Hij was 'n zwager van Sliepenbeek. Thans is het eigendom van Wim Reijnen (Thézn). De huidige functie is kantoor en dokterspraktijk. In de verte het nieuwe dorpscentrum in wording: Dr. Kochlaan en Julianalaan. Het witte huis - midden achter - was het Kostershuis. Hier woonde koster/organist Kamps. Je ging het huis binnen  via trapjes. Het inmiddels gesloopte huis was lange tijd het enige huis in deze drassige Erlecomse polder. (Met dank aan Jan van Eck.) Een tweede locatie  voor een nieuwbouwplan nabij de Rooms-Katholieke kerk ketste af, omdat hier afgetichelde gronden waren die te laag waren voor bebouwing. Een grondophoging bleek noodzakelijk, maar werd te kostbaar bevonden. Inmiddels was het 1951 en waren er ten noordoosten van de RK kerk enkele straten bebouwd met arbeiderswoningen. Besloten werd toen om de overige herbouw ook aan deze zijde van de dijk te laten plaatsvinden. Hiervoor diende wel een deel van het smalspoor te worden omgelegd. Zo zou het nieuwe en grotere dorp Ooij er uiteindelijk uitzien in 1975. Fotocollectie RAN. Op de Kerkdijk concentreerde zich het Rooms-Katholieke leven van Ooij met de Sint Hubertusschool, de Rooms-Katholieke Sint Hubertuskerk, de begraafplaats, de pastorie en het Patronaatsgebouw (ook wel Parochiehuis genoemd). De oorspronkelijke Sint Hubertuskerk (als Hubertuskapel voor het eerst vermeld in de tweede helft van de 13e eeuw) werd in 1822 niet teruggegeven aan de katholieken (belangrijke reden hiervoor was vermoedelijk de aanwezigheid van een grafelijke grafkelder), waarop er in 1835 met rijkssubsidie een nieuwe zogenaamde Waterstaatskerk gebouwd kon worden met kerkhof en pastorie. Toen de kerk (die evenwijdig aan de dijk stond) te klein werd, trok men de pastorie bij de kerk en liet men in 1897 een nieuwe pastorie bouwen. In 1904 werd uiteindelijk besloten een nieuwe neogotische kerk te bouwen haaks op de dijk. Deze kerk, ontworpen door C. Franssen, had een ingangsportaal met drie deuren in een lage aanbouw. Er was geen toren. Na het februari-bombardement schuilden Nijmeegse vluchtelingen enige tijd in de Hubertuskerk. Als dank werd in 1948 een glas-in-loodraam aan de kerk geschonken, vervaardigd door René Smeets. Pastorie en kerk werden in september 1944 zwaar beschoten door zowel Amerikaanse als Duitse artillerie (de laatste vanuit de Betuwe). Hiervan zijn nog sporen te zien in de noordwand van de kerk en de zuidgevel van de pastorie. Ook is de ingangspartij van de pastorie na de oorlog vernieuwd. Het venster rechtsboven heeft ter herinnering een boogveld gekregen met het jaar 1944 ingemetseld. Pastorie Ooij. Foto's P. Coenen. Ooij, sporen van beschietingen in september 1944 in het muurwerk van de pastorie (boven) en de kerk (rechts).  Het Patronaatsgebouw bevond zich ter linkerzijde van de pastorie en is, evenals de Hubertusschool (waar de Canadezen enige tijd hun hoofdkwartier hadden), inmiddels afgebroken. Ooij, Patronaatsgebouw/ parochiehuis in 1948. Fotocollectie RAN. De westzijde van de Hubertuskerk werd in 1954 voorzien van een toren. De gevel werd hiervoor aangepast naar ontwerp van de Nijmeegse architect B.W.A. Goddijn, die ook de Bartholomeuskerk in Beek voorzag van een nieuw voorportaal en het ontwerp tekende voor de wederopbouw van de pastorie van Beek en Bakkerij/Café De Witte. Ooij, Sint Hubertuskerk ca. 1955, met toren. Daarnaast bouwtekening door Bert Goddijn, 1954. RAN. Bronnen: Noviomagus; Jan van Eck; Hans Fun, Littekens van Market-Garden, 2005 (Wordt vervolgd PC).